Paul Michiels: ‘Spijt mag je nooit hebben in je leven’

< Gesprek in Resaturant ’t Parksken >

Feest in rusthuis ‘De Laatste Statie’ in Heist-op-den-Berg. PP wordt vandaag 115. Ter gelegenheid van zijn verjaardag treedt Paul zelf nog op. Met luchtgitaar weliswaar, maar hij ziet er prima uit. IJdel als hij is, heeft hij zijn 10 resterende blonde haren nog eens haarfijn goedgelegd. De muziek knalt door de hoorapparaten. ‘The Way to your Heart’ ligt een beetje moeilijk omdat Jef van kamer 3 net een attackske heeft gehad, maar ‘Forever Young’ wordt luidkeels meegezongen. Tanden en prothesen vliegen in het rond. Paul lust er wel pap van, en jaagt de ene na de andere kraker door de boxen. Het ietwat jongere, vrouwelijke publiek krijst en gilt. Zo gooit de 99-jarige Mathilde in extase haar doorweekte pamper op het podium. Paul geniet. Hij straalt. Daar doet hij het voor. Al van z’n 15de. Dus juist geteld 100 jaar staat hij op de bühne. ‘Nog een geluk dat ik altijd gezond heb geleefd, en elke ochtend in mijnen bloten in mijne vijver ging zwemmen’, denkt Paul, en hij bestelt nog een Duvelke.

CD Ageless

Terug naar de realiteit. Geheel gekleed, en amper 70, zit Paul Michiels bij ons aan tafel in restaurant ’t Parksken. Wereldster, and alive and kicking as never before.
‘Zoals ik nu leef, word ik inderdaad 115’, zegt Paul zonder verpinken.
‘Mijn jongste zoon wordt 15, de jongste dochter 13 en ik heb een jonge vrouw van 42. Dat houdt mezelf ook jong. Ik ben geen 70, maar 2 x 35. Bovendien heb ik goede genen. Oud worden zit in de familie. De tante van mijn grootmoeder is 108 geworden. En ze zag er ook nog goed uit (lacht).’
‘Het klopt dat ik elke dag sport. Als het te koud is om thuis in de vijver te zwemmen, trek ik naar het zwembad. Daar doe ik wél een zwembroek aan (lacht).

En gezond eten?
Mijn vrouw Tineke kookt bijzonder goed. Een beetje als Pascale Naessens. Trouwens echt de vrouw van mijn leven. Naast mijn 8 kinderen en mijn kleinkinderen is zij het allerbelangrijkste. Ik heb haar leren kennen in de periode dat ik met Soulsister op tour was, halfweg de jaren ’90. Ze deed vakantiejob als kabelsleper in de Manhattan in Leuven. Ik was die periode quasi nooit thuis, en ik vervreemdde van mijn eerste vrouw. Toen ik Tineke ontmoette, nota bene op de tonen van ‘Crush’ een nummer dat ik schreef voor Soulsister, was het meteen raak. Ik was verliefd tot over mijn oren en ik ben dat nog. Ze is zo mooi. Aan de binnen- en de buitenkant. Als je haar ziet, weet je meteen waarom ik met haar samenleef, en de rest van mijn dagen hoop samen te blijven. Onze liefde is onvoorwaardelijk. We zijn elke dag nog zotter van elkaar.

Over gezond en goed eten gesproken. Inmiddels wordt een heerlijk bordje opgediend. Wijting was in 2018 blijkbaar niet voor niets verkozen tot vis van het jaar. Toch zoals hij hier is klaargemaakt. Hemels lekker.

Liefde, daar draait het ook meestal om in je muziek.
Ik ben geen politieke zanger. Ik moet geen boodschap brengen. Love songs zijn wel aan mij besteed. Daar kan ik mijn gevoel in leggen. Iedereen wil liefde geven of liefde krijgen. Het klinkt misschien melig, maar het is wel zo. Daar wil ik dan ook vooral over zingen.

Zoals bij ‘Ageless’, je laatste hit, en de titelsong van de 3-dubbele CD. Maar ‘Ageless’ zou zo op jou kunnen slaan.
Dat zou kunnen, en misschien is dat ook wel zo, maar het is een liefdestekst. De 3-dubbele CD bevat vroegere songs, covers en een 10-tal nieuwe nummers. Ook livemuziek. Leuk voor mensen die me nog niet kennen. Wie me al jaren volgt, zal er ook veel aan hebben. ‘Ageless’ was de laatste song die ik voleindigde. Voor de tekst ging ik te rade bij Michael Garvin in Nashville. Hij schreef trouwens ook ‘Waiting For The Night’ van Jennifer Lopez! Het formuleren zoals de Amerikanen, met de juiste woordspelingen, kunnen wij niet zoals hen. Ik hou trouwens van de Nashville-sfeer, van de countrymuziek. Ik denk eraan om ooit een countryplaat op te nemen. Jammer genoeg marcheert dat niet in België. Toch niet in Vlaanderen. Wallonië is altijd al een beetje een schemerzone geweest. Vlaamse groepen treden daar ook amper op.

Nochtans speelde je met ‘Les Jeunes’ vaak over de taalgrens?
Jongen toch, dat was in 1964, denk ik. Dat is een eeuwigheid geleden. Ik begon feitelijk als drummer bij de Lama’s, maar dat duurde niet lang. En dan had ik het lumineus idee om onze nieuwe band ‘Les Jeunes’ te noemen. Ik dacht als we een Franstalige naam nemen, dan zullen we ook in Brussel kunnen optreden. Dat klopte nog ook. In al die gemeenten waar Frans de voertaal was, maakten we onze opwachting. Een nieuwe cultuur opende zich. We hadden een Franse naam, maar spraken geen Frans. Je moet het maar doen he (lacht).

Biografie ‘Onvoltooid Tegenwoordig’

In de onlangs verschenen biografie ‘Onvoltooid Tegenwoordig’ lezen we alles over het wel en wee van PP Michiels.
Niet alles. De uitgever vond dat veel van mijn verhalen beter pasten aan de toog dan in een boek. Ik heb alles zelf geschreven, en dus veel moeten schrappen ook, en dat had ik eigenlijk niet mogen toelaten. Maar het boek bevat nog genoeg stof om je een beeld te vormen van wat ik allemaal heb gedaan, en hoe Paul Michiels van vroeger de Paul Michiels van nu is geworden. De titel spreekt voor zich. Uiteraard gaat het over mijn verleden, maar mijn leven is nog ‘onvoltooid’. En ‘tegenwoordig’ omdat ik er nogal altijd ben.

Je hebt jezelf benoemd als ‘Rector aan de Universiteit van het Leven.’
Een plezante uitspraak, en nog waar ook. Ik mag wel beweren dat ik heel wat heb meegemaakt. Ik ben maar tot mijn 16de naar school geweest, maar over het leven kunnen ze me niet veel meer wijsmaken. Let wel, ik leer nog elke dag bij, en als muzikant moet je steeds open staan voor nieuwe dingen en andere stijlen. Over het leven, en dan zeker mijn leven, kon ik echter een boek schrijven. En dat heb ik dan ook gedaan. (lacht)

Het kalf dat ik ken, komt niet uit Lozère. Dit kalf dat we nu op ons bord krijgen wel. De salie, rucola, honingtomaat en parmezaan maken dat het botermalse vlees ook super smaakt. Alweer een heerlijk ‘herechtje’ zou Sergio Herman zeggen. En de wijn? Die behoeft geen krans. Fantastisch.

Als tiener dweepte je met alles wat Brits of Amerikaans was. Je ging naar Londen, en je wou naar de USA.
Elvis, Aretha Franklin, The Beatles, The Stones en The Kinks… Ik heb de evolutie in de rock ’n roll meegemaakt. Als jong manneke zat ik altijd met mijn oor aan de radio. Ik genoot ervan. Het is ook de kapstok voor mijn muziek. De Top 100 van 1967 bijvoorbeeld bevat alleen maar bekende nummers. Het is dé ultieme hitlijst. En ja, ik vloog op een dag als een kieken zonder kop alleen met een Boeing vanuit Zaventem naar Londen. Een wereld ging voor me open. Ik logeerde in een gezellig typisch Londens hotelletje op Sloane Square nabij de studio waar The Beatles ‘Sergeant Pepper’s’ opnamen. En juist, ik had ook een American Dream. Ik wou naar San Francisco. Het Belgisch leger heeft er echter een stokje voor gestoken. Anders was ik immers een deserteur.

Daar heb je precies nog spijt van?
Spijt mag je nooit hebben in je leven. Ik heb het niet gedaan om me wellicht ellende te besparen. Wie weet wat er van mij was geworden. Misschien was ik nu al dood.

Polle Pap

Wij zijn alvast tevreden dat je hier bent gebleven. In Heist-op-den-Berg.
Ja, ik ben enen van de melkboer, he (lacht). Ik ging dan ook met mijn vader mee op melkronde toen ik nog heel jong was. Ik ging o.a. chocomelk leveren in de school. Dan riepen de kinderen; ‘Hey, Polle Pap!’, en die naam ben ik mijn hele leven blijven meedragen.

P.P Michiels is een handelsmerk geworden, maar in de jaren ’70 dreigde het fout te lopen.
Aanvankelijk had ik zo’n kabouterlook (lacht). Met baard, lang haar, pijp en andere hippietoestanden. Ik zag eruit als een soort ZZ Top avant la lettre (lacht). Ik heb toen ontzettend veel gezopen. Ook op muzikaal vlak waren het eerder grijze jaren. Ik had hoegenaamd mijn persoonlijkheid nog niet gevormd. Ik was een meeloper, en als anderen joints paften, deed ik dat ook. Zo high als een Vlaamse papegaai schreef ik dan nummers die ik op dat moment geweldig vond. De dag nadien bleken ze maar niets. Een tijd om te vergeten. Overloop eens naar de jaren ’70. Is er veel gebeurd binnen de Belgische popscene?

Niet echt. Maar begin de jaren ’80 wel. En kijk, daar was ook Paul Michiels.
Met Octopus, een Anglo-Belgische band, had ik enig succes gekend. Vooral in de disco’s, en bij de vrouwen (lacht), maar pas in ’81 brak ik zelf door met de hitsingle ‘Females’. Plots stond ik ertussen. Er bewoog toen ook het één en het ander met groepen als Nacht und Nebel, Toy, Scooters, La Vie est Belle, en ik behoorde met dat nummer ook meteen bij die nieuwe popscene.

Soulsister

Soulsister werd een onwaarschijnlijk succesverhaal. Jullie regen de hits aan elkaar. Leyers en Michiels, gezworen kameraden zou je dan zeggen.
Dat niet, niet in de zin van ‘we gaan elke week samen pinten drinken’ of ‘als ik met iets zit, bel ik je wel’, maar als we samen iets maakten, was het goed, was het af. Jan had filosofie gestudeerd. Feitelijk omdat zijn ouders zouden stoppen met zagen. Hij was meer de kop, en ik de buik. Dat klikte wonderwel op muzikaal gebied. We zijn elkaars tegenpolen, maar dat waren Paul McCartney en John Lennon ook. Net zoals Keith Richard en Mick Jagger. Niet dat ik ons met hen wil vergelijken, maar je begrijpt wat ik bedoel. Die tegenstrijdigheid is ons groot geluk geweest.

‘Females’ was ook de springplank naar Soulsister.
De ‘mannen van Boechout’ merkten me op. Bart Peeters kon eerst niet geloven dat het nummer door een Belg was gemaakt. En dan nog enen van Heist (lacht). Hij stelde me voor aan Jan Leyers, en de rest van het verhaal kent iedereen wel zeker? Met Soulsister en ‘The Way to your Heart’ hadden we een wereldhit te pakken. Uiteindelijk ging ik toch naar Amerika want de song veroverde daar ook de hitparade. Een knaller die nog elke dag ergens ter wereld wordt gedraaid, en waarvan de inkomsten nog altijd zeer welkom zijn.

Het dessert oogt niet alleen mooi, het is ook een streling voor onze smaakpapillen. Appelcustard en chocolade van hazelnoot en vlierbes. Het blijft even stil. Zelfs Paul kan na deze smaakbom geen pap meer zeggen.

Je treedt nu hoofdzakelijk alleen op. Paul Michiels de ‘Lonesome Dreamer’.
Zoals de naam van mijn vroegere solo-programma. Let wel, ik word steeds omringd door fantastische muzikanten. Maar ja, al mijn hele leven ben ik een dromer. Ook als kind was ik zo. Mijn moeder schreef me destijds in bij de Chiro, maar ik wou helemaal niet naar de jeugdbeweging. Ik wou alleen zijn. Ik had vrienden, maar ik had er niet echt behoefte aan. Ik wou alleen zijn in mijn fantasiewereld. Op een dag gingen we met de Chiro op bivak in Wallonië. Tijdens een tocht speelden ze me kwijt. Ik stond te dromen, en had niet in de mot dat iedereen weg was. Daar stond ik alleen in een Waals dorpje. Een vrouw bekommerde zich om me, maar ik verstond haar niet. De burgemeester werd zelfs ingeschakeld. Een dikke man met een snor die een beetje Vlaams sprak. Hij bracht me uiteindelijk terug naar het kamp. En weet je wat het strafste was? De leiding van de Chiro viel uit de lucht. Ze hadden mij niet eens gemist.

Forever Young

Forever Young’ is is je grootste solosucces. Mag ik dat stellen?
Dat is zo. Jan Verheyen gebruikte het tijdens de eindgeneriek van zijn film ‘Team Spirit’. Hij vond dat mijn specifieke stemgeluid ontzettend goed bij het nummer paste. Die mening deelden blijkbaar nog veel mensen want de cover werd een grote hit. Jan Leyers stond in voor de productie! Met mijn liedjes wil ik zoveel mogelijk mensen gelukkig maken. Al is het maar voor iets meer dan 3 minuten. Dat is entertainment. Achter de coulissen staan, en weten dat de mensen op je zitten te wachten omdat ze je graag horen. Als ik bijvoorbeeld een nummer van Buddy Holly breng, dan wil ik hem niet imiteren, maar mijn eigen gevoel erin leggen. Net zoals de kok hier zijn eten bereid. Op zijn eigen wijze, en geweldig voor de mensen. Niet soms?

Dat kunnen we enkel beamen. De lunch was schitterend, het gesprek nog beter. Als we PP vragen of hij nog altijd dankbaar en positief in het leven staat, kennen we in feite al het antwoord. ‘Dat is het minste wat je kan zeggen’. Zo word je 115. Zijn boek ‘Onvoltooid Tegenwoordig’ leest als een roman, zijn CD ‘Ageless’ gaat door merg en been. Of hoe 70 inderdaad 2 x 35 is. ‘Ik wil niet te snel meer leven omdat ik weet hoe snel de tijd gaat’, zegt Paul nog, en we bestellen een Duvel, en genieten na. Straks moet hij nog optreden, en mensen blij maken. Met zijn liedjes. Ons heeft hij al blij gemaakt. Met zijn positief verhaal. Bedankt, je bent een mooie mens, Paul. En over 45 jaar willen we er graag bij zijn op je feest.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.